Eentje was er, die zei dat ze zin had om weer te gaan werken. Maar die heeft net een nieuwe baan. Voor de rest was het een geach en gewee van jewelste, toen wij terugkwamen van vakantie, en voor iedereen in onze omgeving het normale werkende leven weer begon of net was begonnen.
Wel een beetje gek, want vorig voorjaar bleek uit een onderzoek in opdracht van uitzendbureau Randstad dat ruim zestig procent van de werkenden tevreden is met zijn baan en dat ruim zeventig procent positief is over de samenwerking met collega’s. Zeven van de tien mensen voelt zich bovendien gewaardeerd.
Dat kun je allemaal lezen in NRC Handelsblad, dat zaterdag een themanummer over werken uitbracht (‘Loopbaan’), in het bijzonder in een artikel dat gaat over de vraag wat je moet doen als je je werk niet meer leuk vindt.
Niet gillend weglopen, luidt samengevat het advies van deskundigen.
Vaak blijkt dat mensen slechts bepaalde aspecten van hun baan niet leuk vinden (de werktijden of de baas, bijvoorbeeld).
Wat je moet doen is: Die zaken aan de kaak stellen, de relatie met leidinggevenden of met bepaalde collega’s minder belangrijk maken, zelf de accenten in je werk zo leggen dat je vooral doet wat je het leukste vindt en wat je de meeste voldoening geeft, zo weinig mogelijk tijd besteden aan werkzaamheden die niet inspirerend zijn.
,,Ergens anders gaan werken is meestal geen oplossing”, staat in het artikel. Een professional organiser zegt: ,,Je neemt jezelf mee naar je volgende baan. Er zijn mensen die elke twee jaar iets anders doen en steeds tegen dezelfde problemen aan lopen. Dan kun je je beter afvragen hoe dat komt. Het kan bijvoorbeeld aan jou zelf liggen. De consequentie kan zijn dat je je gedrag moet veranderen. Dat doet pijn en het kost veel moeite, maar het kan natuurlijk wel.”