De moed zinkt me in de schoenen bij het zien van al die wilde grote rennende vliegende vele kinderen. En ik voel me al zo verloren in het enorme gebouw met drie gigantische verdiepingen. Aan mijn been hangt een meisje van net vijf, dat is jong in dit grote gezelschap. Als iemand naar haar naam vraagt dan fluistert ze die bijna. Morgen moet ze hier de hele dag naar toe. Hoe moet dat? Voor het eerst bekruipt me het nare gevoel dat werkende ouders hun kinderen dumpen in gigantische speelfabrieken.

, , Ik ga kleuren”, zegt ze. Ze geeft haar jas aan mij, schuift een lege stoel aan de tafel en maakt de torens van het middeleeuwse kasteel felroze.

Ineens lukt het wel om de formulieren in te vullen.

Ik ben eerder klaar dan zij.
Ze wil nog niet mee naar huis, ze is nog niet klaar.

Morgen mag ze de hele dag. “Yes!”, zegt ze.
Het huis van de naschoolse opvang is het grootste huis van de hele wereld, vertelt ze later tegen haar vader.

Dat is typisch een gevalletje van overschatting.
Maar dat mag best, na dat gevalletje van onderschatting van haar moeder, eerder vandaag.

Average Rating: 4.9 out of 5 based on 159 user reviews.

Laat een reactie achter