Het archief van april 2008

zaterdag, april 12th, 2008

Twee keer zijn oudste dochter en ik samen op vakantie geweest.
Jongste dochter was 0 en 1.

Nu gaan jongste dochter en ik, in het goede gezelschap van twee vriendinnen.
Oudste dochter is bijna 6.

Haar achterlaten is toch een beetje een ander verhaal.
Bovendien kan ze net zo slecht tegen afscheid nemen als haar moeder.

Desalniettemin was het erg prettig om vanavond in de lente die toch nog geen echte lente is een zonnebril te zoeken, de zonnebrand in te pakken, hempjes op een stapel te leggen en slippers in een tas te stoppen.

Je moet als werkendemoeder een beetje goed voor jezelf zorgen.

Over een paar uur al staat de taxi voor de deur.
We gaan naar de zon.
We nemen veel mee, wat nemen we veel mee.
We laten veel achter, wat laten we veel achter.
Wat hebben we veel.

Tot over een week.

Average Rating: 4.8 out of 5 based on 197 user reviews.

vrijdag, april 11th, 2008

Ruim twee jaar stond er een grote doos onder mijn bureau.
Volgestopt met spullen toen ik naar een andere plek verhuisde.
Dit weekeinde verhuizen we echt.
Verhuizen is een gedoe.
De hele week keek ik naar de doos onder mijn bureau.
Vandaag keek ik er in.
Bovenop lag een multomap met een protocol voor ziektemeldingen.
Inmiddels zijn we al weer minstens twee protocollen verder.
De doos ging weer dicht.

Verhuizen is weggooien.

Average Rating: 5 out of 5 based on 165 user reviews.

donderdag, april 10th, 2008

Een van de dingen die jongste dochter en ik graag doen op onze gezamenlijke vrije dag is naar de boekhandel gaan.
Daar bekijken wij allebei graag boeken.

Het heeft bijna iets tragisch dat er elke week weer veel nieuwe boeken liggen, waar mensen hun ziel en zaligheid in hebben gelegd en die ik na een korte blik als niet boeiend genoeg beschouw. Maar gelukkig zijn er nog andere mensen, denk ik dan maar.

Ook in boeken die niet als boeiend genoeg worden beschouwd kom je soms zinnetjes tegen die blijven hangen.
Vandaag lag er op de tafel met nieuwe boeken een boek van Elie Wiesel.
Met in het voorwoord het zinnetje dat liefde gek maakt en gelukkig.
Het boek heb ik als niet boeiend genoeg beschouwd, maar de zin is blijven hangen.

Als liefde gek maakt en gelukkig, wat zou de wereld dan vol gekke gelukkige mensen moeten zijn.

Average Rating: 4.6 out of 5 based on 207 user reviews.

donderdag, april 10th, 2008

Volgens de statistieken moet zestig procent van de kinderen naar de beroepsopleiding van het vmbo.
Maar het aantal aanmeldingen ligt beduidend lager.
Dat schijnt te maken te hebben met het negatieve imago van het vmbo, en met ouders die het beste, dat wil zeggen, het hoogste, voor hun kinderen willen.
Geregeld eisen boze ouders van basisscholen een hoger advies voor de vervolgopleiding van hun kind. Dat loopt soms behoorlijk uit de hand.

Een zorgelijke ontwikkeling, zeggen schooldirecteuren. Het bevordert de tweedeling in het onderwijs, en dus in de samenleving, de maatschappij heeft nu al een tekort aan echte vakmensen, en het is ook niet goed als kinderen constant boven hun niveau moeten presteren.

In een interview zegt een directeur van een middelbare school in onze stad dat hij net zo trots is op de prestatie van een vmbo-leerling als van een atheneumleerling. Maar ouders vinden het volgens hem belangrijk om te kunnen zeggen: ‘Mijn kind zit op het atheneum’. Zelden hoor je ouders zeggen: ‘Mijn kind is zo gelukkig op school’.

De collega schuin tegenover me, die zijn dochter net heeft ingeschreven op het gymnasium, is het absoluut niet met de directeur eens. ‘Mijn kind moet naar school om wat te leren en een goed diploma te halen, en niet om daar gelukkig te zijn’, zegt hij stellig.

‘Ouders willen natuurlijk het beste, maar wat zij definieren als het beste, is dat niet altijd’, zegt de directeur in het interview. ‘Als je heel lang op je tenen moet lopen, wordt de motivatie minder’.

Doen wat het beste is voor je kind, en niet wat het beste is voor jezelf. Dat is toch wel het minste wat je als ouders voor je kinderen kunt doen, lijkt me.
En ik hoop dat onze dochters heel vaak met een grote glimlach uit school komen, omdat ze er gelukkig zijn.

Average Rating: 5 out of 5 based on 296 user reviews.

woensdag, april 9th, 2008

Hoe druk moeten we ons hier nu eigenlijk om maken?

Heel druk, zou je zo denken. Maar ach,  zijn we echt zoveel gelukkiger als we krijgen wat we verdienen?

Average Rating: 4.9 out of 5 based on 175 user reviews.

dinsdag, april 8th, 2008

Er zwommen echt eenden in de sloot.
Nou, dat was niet waar.
Wel hoor, ik had ze zelf zien zwemmen.
Dat bleken meerkoeten te zijn.

De gekste details van de gekste gesprekken op de gekste datums weet ik me te herinneren.
Denk ik.
Maar in een park kan ik een eik nog niet van een beuk onderscheiden.
Er dreigt iets mis te gaan in de opvoeding van de kinderen.

Gelukkig heb ik van evendenkenikweethetniet meer verstand.

Average Rating: 4.8 out of 5 based on 178 user reviews.

maandag, april 7th, 2008

De wereld wordt er geen haar beter van, hoor, maar in de categorie goed nieuws voor mij waren het toch echt twee berichten van het kaliber goed nieuws.
Ik twijfel nog welke van de twee berichten het beste nieuws bevat: het feit dat je net zo goed een broodje kroket kunt nemen als een broodje kaas of het feit dat het echt helemaal niet goed voor je is om acht (dat zijn er veel hoor, acht) glazen water per dag naar binnen te persen (behalve als je een kater hebt).

Average Rating: 5 out of 5 based on 182 user reviews.

donderdag, april 3rd, 2008

In de categorie kleine kinderen kleine zorgen, grote kinderen grote zorgen:

Een collega vertelt over zijn zoon die problemen heeft op school, terwijl hij in het eindexamenjaar zit.
Ach, zegt een collega van een andere vestiging, die wij zelden zien, plompverloren:
‘Mijn dochter gaat al sinds haar dertiende helemaal niet meer naar school’.

Average Rating: 4.8 out of 5 based on 176 user reviews.

woensdag, april 2nd, 2008

Vreemde wezens zijn we. Of voorspelbare.
Kijk maar in de bus, langs de lijn, in de kantine, tijdens een vergadering.
Iedereen zoekt zijn eigen, vaste plekje op.
, , He, je zit op mijn plek.”

Wat steekt daar toch achter?
De veiligheid van de vertrouwde keuze?
De behoefte aan zekerheid?
Of gewoon gewoonte?

We gaan verhuizen met de zaak. We krijgen er flexplekken. Handig, nu er zoveel parttimers zijn, zeggen de heren in het vergaderclubje dat de operatie voorbereidt.

Ik vind het niks, die flexplekken, zei een collega vanmiddag tegen mij.
Ha, eindelijk. Eerder had ik er nog niets van durven zeggen. Ik kom niet graag over als een starre medewerker die niet in is voor nieuwe dingen of veranderingen.
Ik vind het ook niets, zei ik. Ik wil mijn eigen stoel die altijd goed is afgesteld, en een eigen bureau waar mijn eigen papieren op kunnen blijven liggen. (En zonder koekkruimels of erger van anderen, dacht ik erbij)
Ik ook, zei mijn collega.
Flexplekken, zei hij, met een stem vol minachting. Dat is echt zo’n jarenzestig-iets. Zooo achterhaald.

Ik knikte, hij heeft gelijk!

Echt iets voor die ouderwetse mannen in dat vergaderclubje.
Hoewel.
Uitgerekend zij krijgen allemaal wel een eigen, vaste plek.

Maar ineens zag ik alle mensen plaatsnemen in de bus, langs de lijn, in de kantine, in de vergaderruimte.
Het komt vast wel goed in ons nieuwe kantoor.
, , He, je zit op mijn plek.”

Average Rating: 5 out of 5 based on 175 user reviews.

dinsdag, april 1st, 2008

Revolutie is een groot woord maar volgens mij kun je het in dit geval gerust gebruiken, want het is ongelooflijk hoe onze communicatie is veranderd. Tot eigenlijk nog maar heel kortgeleden schreven we elkaar brieven of kaarten of we spraken elkaar, in levende lijve of per telefoon.

Nu mailen we, we sms’en en we chatten.
Handig, snel, leuk en makkelijk.
Maar ook oppervlakkig.
Soms staat er iets wat je niet zo bedoelt, soms staat er iets waar je niet goed over hebt nagedacht, soms krijg je spijt, de nuance ontbreekt, de uitleg, de toon waarop je de boodschap wilt brengen.

Vandaag was er een zakelijk conflict.
Wat ga je nu doen, vroeg ik aan de collega die er mee te maken had.
Tot morgen wachten, zei hij. Dan stuur ik hem wel een email.
Morgen pas?, vroeg ik verbaasd.
Ja, zei hij, dan is mijn boosheid wat gezakt en de zijne ook.
Dat je dat kan, zei ik. Ik zou het gelijk kwijt moeten.
Vroeger kon ik het ook niet, zei hij. Het lucht wel op, als je meteen reageert, maar dan las ik de volgende dag een mail die ik had verstuurd, en dan dacht ik: dat had je niet zo moeten zeggen.

Wat een goede tip, dacht ik.
Maar wel een moeilijke.

(En nog later: is bellen in dit soort gevallen eigenlijk niet het beste?
(En nog weer later: is het allerbeste niet: bellen om een echte afspraak te maken om de zaak echt uit te praten?)

Average Rating: 4.9 out of 5 based on 153 user reviews.