Het archief van August 2009

Gym

Friday, August 14th, 2009

Of ik een keer iets wil schrijven over de afschuwelijke schoenen die iedereen maar draagt, zegt een vriendin. Ze begint te blazen, van eerst had je de afschuwelijke Crocs, toen die lelijke Uggs (“ik zag er vandaag nog iemand mee lopen”) en toen die afzichtelijke Birckenstocks (“ik denk steeds dat er twee lepels aan komen wandelen”).

Ja, ja, zei ik en dacht aan mijn nieuwe schoenen. Eerst kocht ik een zilveren paar, anderhalve week later een bronzen paar, weer een paar dagen later een roze paar voor mijn moeder (‘en als ze niet passen, dan hou ik ze gewoon zelf’).  Het zijn schoenen met een ingebouwde ‘gym”, je krijgt er slankere benen en dunnere billen van. Ik doe ze pas uit als het zo ver is. Dat kan ook niet anders, want lopen op gewone slippers, ja, dat gaat niet meer. Ik was liever ook niet meer met de hand af.

Klotsende knieen

Thursday, August 13th, 2009

Bij Zomergasten was afgelopen zondag Trudy Dehue, psychologe en filosofe. U denkt misschien dat ik haar ken, nou helemaal niet, sterker nog, ik heb het hele televisieprogramma niet gezien.

Maar inmiddels heb ik er wel een en ander over gehoord. Dat ze het had over de enorme aantallen mensen die depressief zijn in ons land. Een miljoen mensen slikt antidepressiva, een onbekend aantal leest zelfhulpboeken en een groot aantal gaat naar een psycholoog.

Ze had het over de maakbare samenleving, waarin iedereen niet alleen mooi en slank maar ook gelukkig moet zijn.

Hangende oogleden kunnen niet meer, maatje xxxxxl kan niet meer, en de hele week met je hoofd onder de dekens liggen omdat je je niet in staat voelt om “iets leuks” te gaan doen, dat kan ook niet meer.

Dus liften we de oogleden, plaatsen we maagbanden en slikken we pillen.

Behalve aan het schoonheidsideaal moeten we ook voldoen aan het ideaal van de gelukkige, vrolijke mens.

Nu kan ik zelf slecht tegen ongelukkig zijn. Als je je niet goed voelt, moet je daar wat aan doen, is mijn adagium. Het leven is al zo kort, geniet er dan van.

Van de week zag ik in een boekhandel een soort anti-zelfhulpboek liggen voor of over mensen die helemaal geen zin hebben om hun problemen op te lossen.

Als ik op een stoel had gezeten was ik ervan afgevallen.

Maar Trudy Dehue en dat boek zetten me wel aan denken.

Moeten we allemaal altijd maar gelukkig zijn, net zoals we allemaal goedgevormde neuzen moeten hebben?

Sommige mensen weten zich geen raad met hun te kleine borsten, anderen moeten er misschien wel niet aan denken dat hun problemen zijn opgelost. Als ze hun problemen kwijt zijn, wie zijn ze dan zelf nog?

Ik gun iedereen zijn klotsende knieen. Misschien moeten we iedereen ook wel zijn problemen, chagrijnigheid of ongelukkigheid gunnen.

Ik ben er nog niet helemaal uit.

Vroeger was niet alles beter. Veel plezier voor altijd.

Wednesday, August 12th, 2009

Wat was het toch behelpen met de poeziealbums eigenlijk, waar iedereen in schreef dat rozen gingen verwelken en schepen gingen vergaan maar dat onze vriendschap altijd zou blijven bestaan.

Nee, dan de vriendenboekjes van tegenwoordig. Veel leuker. Vooral ook voor moeders.

Ik zat vandaag te smelten, ja, ik geef het maar toe.

Wat wil je later worden?

Moeder en koorddanseres.

Koordanseres?

Nee koorddanseres.

Zoals in het circus?

Zoals in het circus.

Mijn grootste wens is:

Dat ik de split in de lucht kan.

Dit wens ik je toe:

Ik wens je veel plezier voor altijd.

Buurjongens

Tuesday, August 11th, 2009

Ze speelden, ze schreeuwden, ze praatten hard, ze lachten.

Ik keek op de wekker. Het was half acht. Over 38 minuten hoefde ik pas wakker te worden.

Op mijn werk beklaagde ik me er tegen de collega naast me over dat ik veel te vroeg was gewekt door spelende buurjongens in het autovrije straatje onder mijn slaapkamerraam.

Hij keek me met opgetrokken wenkbrauwen aan. “Je woont toch in een kinderrijke straat?”

Ja, zei ik.

,,Nou, dan”, zei hij, en bladerde verder in de krant die hij aan het lezen was.

Nou ja, pruttelde ik, ze kunnen zo vroeg in de ochtend toch ook even tv gaan kijken. Of stilletjes memory spelen in de tuin?

De collega deed wat veel mannen doen als ze een vrouw vinden klagen. Hij deed alsof hij mij niet meer hoorde.

Vroeger was alles beter

Monday, August 10th, 2009

Vandaag deel zeventien van de huishoudelijke beslommeringen van een werkende moeder.

Die had dus in februari een nieuwe wasmachine gekocht en een nieuwe droger. Handig, nieuwe spullen. Daar heb je de komende jaren geen omkijken naar.

Eerst deed de wasmachine het niet meer. Maar dat ben ik alweer vergeten, want die draait weer als een dolle.

Nu doet de droger het niet meer. Althans, na een paar minuten gaat -ie piepen en mij vertellen dat het waterreservoir vol zit, maar dat is juist hartstikke leeg.

De winkel gebeld, zo’n zaak waar je spullen koopt omdat je denkt dat je de goede service er gratis bij krijgt.

De monteur kwam vorige week. Vroeg. Voor mij zelfs heel vroeg.

Hij kwam het serienummer opnemen. Want hij kende het probleem. Een kinderziekte van de droger, die de fabrikant kwam verhelpen.

Maar ik ben expres vroeg opgestaan, zei ik, enigszins verbouwereerd.

De man keek mij al even verbouwereerd aan.

Later die dag kreeg ik een sms van de fabriek. Of ik wilde bellen voor een afspraak en het serienummer wilde doorgeven.

Ik was weer een beetje verbouwereerd. Ik dacht dat ze mij zouden bellen en het serienummer al hadden. Maar als ik dat zeg, zijn ze vast een beetje verbouwereerd.

Toen lag er een briefje in de bus. Een pakketje voor mij was bij de buren afgeleverd. Het was een pakketje van Yves Rocher. Maar ik bestel nooit wat bij Yves Rocher. De vorige bewoonster wel, want die krijgt op mijn adres nog steeds post van Yves Rocher. Die ik dan braaf naar Yves Rocher terugstuur.

De buurman kwam het pakketje brengen. Ik heb een paar uur naar de doos gestaard en dacht, ik maak ‘m maar open. En ik hou dan gewoon wat er in zit. Er zitten spullen in die ik best wil hebben. Maar er zit ook een bon in van 26 euro. Die hoef ik dan weer niet. Dus ik moet het pakketje naar het postkantoor brengen. Dat kantoor waar ik ook altijd naar toe moet als er bij mij een pakketje wordt bezorgd. Dan ben ik namelijk nooit thuis. En de buren zijn dan ook nooit thuis.

Toen kwam er een brief van de bank. Ik moet de pincode van mijn nieuwe betaalpas afhalen op een soort postkantoor in een winkelcentrum dat helemaal uit de slinger ligt. Ik kom er nooit. En elke dag fiets ik zo’n beetje langs een echt filiaal van de bank waar mijn rekeningen lopen.

U denkt waar gaat dit verhaal naar toe. Ik zal het u vertellen.

Ik moet het serienummer van de droger opschrijven en de fabriek bellen.

Ik moet naar het postkantoor om een pakketje dat niet voor mij is terug te brengen.

Ik moet naar een winkelcentrum waar ik nooit langs kom en waar ik zelfs nooit in de buurt kom om de pincode van mijn nieuwe bankpas op te halen.

Het leven is soms best ingewikkeld.

En als ik de werkende moeder niet was, dan zou ik zeggen: ik wou dat ik jouw problemen had.

Moet

Saturday, August 8th, 2009

Het lijkt net alsof je met een kind ook een druk leven krijgt en veel te weinig tijd om te genieten.

Ja, ik zie u al knikken.

Nou, gelooft u mij, het is aangeprate onzin.

Ophouden met het getob van ik wil meer genieten en meer tijd voor leuke dingen en ik zou wel willen relaxen maar ik heb er geen tijd voor want ik moet nog dit en ik moet nog dat, en de schaarse vrije tijd die er zogenaamd nog is vullen met tobben en klagen over druk druk druk en geen tijd geen tijd geen tijd.

Ja, u moet van alles. Dat geldt bepaald niet alleen voor moeders en vaders trouwens, de hele wereld roept voortdurend: ik moet van alles.

Weet u wat u vooral moet?

U moet meer genieten.

Twintig procent

Wednesday, August 5th, 2009

Het verlanglijstje bestond uit een groot vel papier met uit folders van speelgoedwinkels geknipte plaatjes.

Veel roze.

Ook de mobiele telefoon was roze.

Grappig, dat mijn dochter voor haar vijfde verjaardag een mobiele telefoon wilde hebben, dacht ik. Daarna vergat ik haar wens. Totdat ik vanochtend het bericht las dat twintig procent van de zes-jarigen een mobiele telefoon heeft.

Wat jammer voor mijn dochters, dat ze een moeder hebben die altijd een beetje achter de trend aan loopt te sukkelen.

Verschillende dingen

Monday, August 3rd, 2009

Vandaag zou ik verschillende dingen kunnen vertellen.

Bijvoorbeeld dat je in een restaurant nooit gember met room moet bestellen als dessert. Je kunt denken: ik houd van gember en ik houd van room, en laat ik eens gek doen, en je kunt aan de ober vragen waarom dat eigenlijk 5,45 euro kost, maar dan nog moet je het niet nemen. Het is namelijk vies. En dan gaat de ober daarna vertellen dat normaliter alleen mensen boven de zeventig dit nagerecht bestellen. Ja, daar heb je dan natuurlijk helemaal niets meer aan.

Ik zou ook een tegeltjeswijsheid kunnen posten, van Walter Cronkite, de bekende Amerikaanse nieuwslezer, onlangs overleden. Hij sloot de nieuwsshows van CBS altijd af met de woorden:

That’s the way it is.

En zo is het, beste lezers. Je kunt er tegen vechten, tegen strijden, tegen protesteren, van balen, het niet leuk vinden, maar de dingen zijn ook zoals ze zijn. En als je dat accepteert, dan komt de oplossing soms vanzelf. Want er verandert altijd wel weer iets, en dan zijn de dingen weer zoals ze dan zijn. Dat laatste heb ik dan weer niet van mezelf.

Hier zou ook een tegeltjeswijsheid van mezelf kunnen staan:

Ook in geluk moet je uitgaan van je eigen kracht.

Wat ook zou kunnen is vandaag eindigen met de woorden:

Genoeg gezegd.

Genoeg verzwegen.

Trein

Saturday, August 1st, 2009

Vandaag zat ik in de trein. Urenlang.

In de trein praten mensen heel hard door hun telefoon. En dan bedoel ik ook heel hard.

Verder was het wel fijn in de trein. Ik heb de hele NRC van zaterdag gelezen, inclusief het magazine, en ergens onderweg kocht ik een yoghurt met banaan en honing en muesli.

Bij een station liepen ineens allerlei mensen op het perron. Min coupe was leeg. Ik stapte ook maar uit, met mijn grote zware tassen. Er bleek iets omgeroepen te zijn maar het personeel van de NS houdt er vast geen rekening mee dat je niets hoort als je je Ipod op hebt. Daar valt ook geen rekening mee te houden, wellicht.

De trein reed niet verder. Met mijn zware tassen liep ik naar een conductrice, die vertelde dat er ergens verderop een brug niet meer dicht ging. We konden met deze trein terug, of op het perron wachten totdat het euvel was verholpen. Ik besloot om met de trein terug te gaan en met een omweg naar huis te reizen. Het was mooi weer, wij stonden buiten te wachten.

Plotseling schoven de deuren van de trein dicht. Verbaasd keken wij toe. Wij, mensen die elkaar niet kenden maar ineens een soort lotgenoten waren geworden, drukten op de knop en zeiden tegen elkaar dat we er nog in moesten, in het volste vertrouwen dat de deuren open zouden gaan.

De trein reed weg.

Ik ga mailen, zei een mevrouw.

Een meisje belde haar vader om te vragen hoe ze nu op haar bestemming moest komen. Ze zeiden dat de benzine op was, maar dat zal wel een grapje zijn geweest, zei ze tegen hem.

Ik zat op een stoepje te wachten op de dingen die zouden gaan gebeuren.

Al snel werd er omgeroepen dat er een trein aan kwam.

We konden weer verder.

Het was een gedenkwaardige reis.

En u weet nog niet eens alles.