Sinds vanavond kan ik weer elektronisch bankieren.
Er lag vandaag ook een nieuwe pas in de bus.
Misschien kan ik over een paar dagen wel weer pinnen.
Het is precies drie weken geleden dat mijn tas werd gestolen en mijn rekening werd geplunderd.
Ik ben gebeld door een aardige meneer van de ING.
Die bood zijn excuses aan en zei dat hij het allemaal heel vervelend vond.
Ik heb hem nog een tip gegeven. Dat het al helpt als mensen aan de telefoon een beetje met je meevoelen.
Ik krijg “een kleinigheid” toegestuurd.
Dat telefoontje en dat kleinigheidje had ik zonder dit blog natuurlijk nooit gekregen.
Er zijn heel veel mensen zonder een blog.

Dat een organisatie een fout maakt, dat kan gebeuren. Daar word ik niet boos over. Wij maken op ons werk ook fouten, ik zeker.
Ik word boos om grote banken die mensen in een callcenter zetten die precies doen wat ze van de computer moeten doen en die soms helemaal niet weten wat ze moeten doen. Die je het gevoel geven dat zij het ook allemaal niet kunnen helpen en dat het misschien wel je eigen schuld is. Waardoor het lijkt alsof je blij moet zijn dat je klant mag zijn, in plaats van dat zij blij zijn dat jij klant bent.

Het is gek. Ik was iemand die bij deze bank hoorde. Die er zijn eerste rekening opende, die er spaart, die er vier hypotheken voor vier huizen afsloot.
Die bank is een groot, ver, log en langzaam instituut geworden, met ingewikkeldheden en onbegrijpelijkheden. In de filialen delen ze flesjes water uit. Het irriteert mateloos als je niet echt geholpen wordt. Als je een podium hebt om je ongenoegen te spuien, krijg je een telefoontje, excuses, begrip en een ‘kleinigheidje’. Het is goed bedoeld, daar twijfel ik niet aan, maar het geeft je ook het gevoel dat je onderdeel bent van een publiciteitsmachine.

En het gevoel dat je bij een bank zit die bij je hoort, krijg je er niet mee terug. Maar misschien is zo’n gevoel wel niet meer van deze tijd.

Average Rating: 4.7 out of 5 based on 300 user reviews.

Laat een reactie achter