Op het puntje van mijn stoel zat ik. Te genieten van de passes van Wesley Sneijder, van de acties van Arjen Robben, van de fantastische bewegingen van Ibrahim Afellay. Een paar keer begon ik met juichen en zakte weer terug in mijn stoel.
Mooie aanval!
Toen scoorden de Denen 0-1.
De slingers zijn al welhaast ingepakt, de toeters gaan weer in de kast, de oranje vlaggen hangen halfstok. Het was slecht, belabberd, ze deden niks, het wordt niks.
Met dezelfde somberheid als waarmee de crisis in stand wordt gehouden (‘je hand stevig op de knip houden, hoor’) wordt de algehele voetbalmalaise massaal en collectief gevierd.
Want na zondag is het over.

De ochtend na de wedstrijd tegen Denemarken bedacht ik me dat ik nu al meer had genoten van het Nederlands elftal dan tijdens het hele WK van twee jaar geleden. Dat was afschuwelijk afbraakvoetbal, die pijn deed aan je ogen en aan je hart. Niets was er meer over van de flair en de aanvallende stijl die zo bij Oranje hoort.
Maar daar hoorde je niemand over.
Want als je wint heb je vrienden.

Morgen speelt het Nederlands elftal de wedstrijd tegen Duitsland.
Ik heb er zin in.
Shine oranje, shine.

Average Rating: 4.5 out of 5 based on 170 user reviews.

Laat een reactie achter