Het archief van januari 2018

Zo’n ouder wil ik zijn, worden, blijven

woensdag, januari 31st, 2018

Met zo’n prachtige titel kan het al bijna niet misgaan. Call me by your name.
Langzaam worden we meegevoerd op het ritme van de muziek, met de prachtige beelden van Italie, de mooie lijven, de herinneringen uit de jaren tachtig, de sensualiteit die de lucht zwoel maakt – ik probeer poetisch te zijn, maar ik ben het niet, de film is het.

Er had iets meer diepgang in de gesprekken kunnen zitten, in de karakters meer ontwikkeling, maar misschien is het wel zo mooi omdat het is wat het is.
Of misschien is het karakter van de vader en de moeder genoeg. Ouders die hun kind zo zichzelf kunnen laten zijn, hem op gepaste afstand steunen, hem zijn eigen weg laten gaan, zonder oordeel, met zoveel liefde.
Die karakters.
En dat gesprek van die vader.

Onthoud – onze lichamen en harten zijn ons maar een keer gegeven. En voor je het weet is je hart versleten, en kom je op het punt waarop niemand meer naar je lichaam kijkt, laat staan er dichtbij wil komen. Nu heb je verdriet. En pijn. Doe niet net alsof het er niet is, want daarmee doe je alsof ook de vreugde die je hebt gevoeld er nooit is geweest.

De zoon – Elio, call me by your name – doet niet alsof het verdriet er niet is, de hele lange aftiteling lang.
Achter me hoor ik iemand huilen.
Ik denk alleen maar: zo’n ouder wil ik worden, zijn, blijven.

Kinderen die hun ouders bewonderen

zaterdag, januari 27th, 2018

Dit lees ik ergens. ‘How to be trusted, respected and admired by your kids’.
Toevallig ken ik degene die het heeft opgeschreven.
Ze woont buiten Europa.
Ik weet niet of het een language-ding is, mail ik haar, of iets cultureels, of iets persoonlijks. Maar ik geloof niet dat het mijn streven is dat mijn kinderen mij bewonderen.

Zij mailt terug dat het in haar cultuur heel belangrijk is, dat je kinderen je bewonderen. En ze is heel benieuwd waarom ik dat niet wil.

Ik weet het ook niet precies, het heeft iets benauwends.

‘Vind jij het goed als kinderen hun ouders bewonderen’, vraag ik aan mijn jongste dochter.
‘Bewonderen’, zegt ze. ‘Nee, iemand als Obama of zo, die bewonder je.’
‘O ja’, zeg ik. ‘Iemand die iets bijzonders heeft gepresteerd. En je kinderen opvoeden is op zich best een prestatie, maar dat doen zoveel mensen.’
‘Dat zeg ik’, zegt ze.
She is always right.

‘Vind je het wel leuk als ik jou bewonder?’
‘Neeeeeee.’

Ik zal mailen dat het in onze genen zit.

Hoe waar haar woorden zijn

dinsdag, januari 23rd, 2018

De meeste mensen op mijn nieuwe opleiding zijn een stuk jonger dan ik.
Soms vertellen ze over gebroken nachten.
Over een zoontje dat middenin de nacht door het huis loopt omdat hij even iets wil pakken.
En de vader die tot zijn eigen schrik zijn woede dan niet kan beheersen.
Over een dochtertje dat nog niet kan praten en dus niet kan vertellen wat er is als ze middenin de nacht ineens hard begint te huilen en vervolgens lang ontroostbaar is.
En hoe lastig dat is voor een moeder.

Toen onze oudste dochter nog maar een paar dagen oud was, zei onze kraamhulp dat het alleen maar leuker zou worden. Daar lag ik op mijn kraambed, dat een grote roze wolk was geworden. Ik geloofde er helemaal niets van. Ik wilde het ook niet geloven. Het beste was als het altijd zo zou blijven. Mijn dochter, ik, alles.

Heel vaak heb ik gedacht hoe waar haar woorden zijn.
En dat ze nog steeds waar zijn, ook al blijft dat moeilijk te geloven.
En ook al voelde ik een klein beetje heimwee of weemoedigheid toen de moeder vertelde hoe fijn het later was, toen haar dochtertje rustig was geworden, en ze daar lag, dat kleine, warme lijfje tussen hen in.

I am not afraid

dinsdag, januari 16th, 2018

Er stond een interview met Louis van Gaal in Volkskrant Magazine.
‘Ik ben eigenlijk soft en Truus is hard’, zegt hij. Truus is zijn vrouw. Ik geloof het.

Louis van Gaal draagt altijd een stropdas. ‘Hoeveel mensen lopen er nog met een stropdas rond? Ik loop met een stropdas rond.’

Een mens mag zelf beslissen hoe hij zich kleedt, vindt Van Gaal, en met grote tatoeages van voetballers heeft hij geen probleem. Memphis Depay heeft een grote leeuw op zijn rug – ‘helemaal niet erg’.

En als uw dochters ineens een enorme tatoeage zouden laten zetten, vraagt de interviewster. ‘Meteen: Dat doen ze niet. Dat komt door hun opvoeding. Daar geloof ik heilig in.’

Een tijdje geleden vertelde mijn jongste dochter dat ze een tatoeage op haar enkel wil, een papieren vliegtuigje misschien, dat staat voor vrijheid. Inmiddels is ze van gedachten veranderd, ze wil liever de tekst I am not afraid. Ik smolt een beetje. Misschien gaat ze nooit een tattoo nemen, maar het is nu al de mooiste die ik ooit heb gezien.
I am not afraid.

Liever een kind met zo’n tattoo dan een man met een stropdas, dacht ik toen ik het interview had gelezen.

Ik denk dat Louis mij ook best hard vindt.

De appende moeder

zaterdag, januari 13th, 2018

We staan lang in een enorme file en de vrouw die naast mij zit pakt haar telefoon.
Haar kinderen zijn ongeveer net zo oud als de mijne.

Typ jij je berichtjes met een of met twee vingers, vraag ik.
Met een, zegt ze, maar ik probeer het steeds vaker met twee.

Wij zitten in dezelfde auto, wij gaan dezelfde weg.
We hoeven er verder niets over te zeggen.

De moeder die nog even naar huis ging

donderdag, januari 11th, 2018

We zitten zwijgend naast elkaar aan de tafel.
Zij heeft haar oortjes in en kijkt op haar telefoon.
Ik weet niet waar ze naar kijkt, ze kijkt naar iets.
Af en toe grinnikt ze even.
Ik denk dat het iets grappigs is.

Omstandig legde ik mijn kantoorgenoten uit dat ik voor de borrel die zij straks geven en de eetafspraak die ik heb nog even naar huis ga, waar mijn dochters zijn. Die eten straks bij hun vader en zijn daar het weekeinde ook en ik zie ze pas maandagavond weer. Ze knikten. Ze vonden het vast een lang verhaal maar ze begrepen het misschien wel.

Had je een tussenuur?
Wat viel er uit?
Hoe was het.
Is er nog iets bijzonders gebeurd?
Koud is het, he.

Van alle vragen die ik stel is er eentje met een lang antwoord.

Het is deze vraag:
Ik geloof niet dat je zin hebt om te praten he.

En het is dit antwoord:
Nee, sorry mam.

Een lang antwoord is een antwoord van drie woorden.

Ik troost me met de gedachte dat as we speak ergens op de wereld een hippe #blogmama een fotootje post op Instagram met een citaat dat ongeveer zegt dat in silence you can hear the love whisper loudly.
Of zoiets.

Wakker worden in een rozenperkje

dinsdag, januari 9th, 2018

Het ging erover dat mensen die uit een harmonieus gezin komen het vaak moeilijk vinden om hun eigen behoeften te uiten en om voor zichzelf op te komen. En dat het soms lastig voor ze is om ruzie te maken of om met ruzies om te gaan.

We hadden supervisie, een onderdeel van de ‘verdiepende’ vervolgopleiding voor coaches die ik doe. We bespraken onze levensverhalen en analyses om onszelf beter te leren kennen. Als je coachgesprekken voert, neem je jezelf immers heel erg mee. Dat wat je doet of zegt, moet niet over jou gaan. Je moet voorkomen dat je bijvoorbeeld ongemerkt afkeurend of kritisch reageert op iemand die heel erg boos is, omdat je zelf niet van boosheid houdt. Om maar wat te noemen.

Nogal bezorgd dacht ik aan de harmonieuze situatie waarin mijn dochters opgroeien. Dat ik zelf helemaal niet tegen drukte kan, zodat ik al half overspannen reageer als ze een klein beetje zitten te klieren, wat al bijna nooit voorkomt. Ik vroeg me af of zij wel hun eigen behoefte kunnen uiten, en wat ik anders zou moeten of kunnen doen.

Een troostende gedachte is dat er altijd wel wat is, uit welk soort gezin je ook komt. Dat de meeste kinderen uit harmonieuze gezinnen en uit alle andere soorten gezinnen gelukkig vrij goed functionerende volwassenen worden. En vooral ook dat als je ergens last van hebt, dat dat ook met jezelf heeft te maken. En dat je er bijna altijd zelf wat aan kunt doen. En dat het totaal niet erg is als je daar een beetje hulp bij nodig hebt. Zelf zie je immers niet altijd in welk patroon je zit, of aan welke overtuigingen je zo vast zit, dat het moeilijk is om te veranderen.

En vooral bedacht ik me dat het goed is om te beseffen dat het leven nu eenmaal geen fanfarekorps is en dat het fijn is dat ik me nu bewust ben van de ‘risico’s’, dat ik even werd wakkergeschud in het rozenperkje waarin ik soms lig te slapen. En dat er geen rozen zonder doornen bestaan.

Wachtende ouders

zondag, januari 7th, 2018

Een van de opmerkelijkste toevalligheden is toch wel dat je kinderen zo’n beetje de hele dag op hun telefoon zitten, behalve als jij een appje stuurt. En dus ben je voortdurend een soort meneer of mevrouw Van Dale die op antwoord wacht, maar dan heel lang. Terwijl je het appverkeer toch beperkt tot praktische vragen als:

Hoe laat ben je thuis.
Eet je hier.
Hoe ging het proefwerk.
Heb je gewonnen?
Is het gelukt?
Gaat het goed daar?

Gelukkig zijn de antwoorden als ze komen meestal reuze informatief. Ja. Nee. Goed. Leuk.

We moeten ons nog heel lang verzoenen met ons lot, denk ik.
Dit weekeinde vroeg ik aan mijn vriend of hij al wat had gehoord van zijn volwassen zoon, die een weekje in het buitenland is. Nee, zei hij, ik dacht: ik laat hem maar even met rust. Een paar uur later zei hij dat hij contact met hem had gehad.
Hij appte: Hoi.
Het antwoord was: Hoi hoi.

De verwaarloosde moeder

zaterdag, januari 6th, 2018

We waren gisteravond weg en kwamen laat thuis.
Half twee, dat is tegenwoordig laat. Dat is al niet eens meer gisteravond, dat noemen we ‘vannacht’.

De oudste dochter was naar een volleybalfestiviteit.
De jongste was alleen thuis geweest.

Ik voelde me een beetje schuldig. Ze zijn tenslotte niet elke vrijdag bij mij.

Vanochtend om kwart voor acht werd de voordeur dichtgeslagen. Dat was de oudste, op weg naar Albert Heijn, waar ze eerst moest splitsen en daarna vakken moest vullen. Drogmetica.
Je leert zoveel nieuwe dingen als je kinderen groter worden.

Om half 1 – het was al middag – zei ik tegen de man naast me dat ik eens ging opstaan en dat ik me een beetje een slechte moeder voelde.

De woonkamer was leeg.

De jongste lag nog in bed.
Was die mij even aan het verwaarlozen.

Een wereld van verschil

vrijdag, januari 5th, 2018

Tegenover me zit een moeder van drie, met kinderen van ongeveer dezelfde leeftijd als de mijne.

We praten over hoe het gaat. Over hoe geweldig het is om te zien hoe ze steeds meer zichzelf worden, over de gesprekken die allang niet meer over Nijntje gaan. Over hoe verschillend ze zijn, ook al hebben ze dezelfde ouders en krijgen ze dezelfde opvoeding. Over hoe laat ze thuis mogen zijn, en wanneer ze alcohol mogen drinken.

Onze verhalen zijn hetzelfde, onze vragen gaan over dezelfde dingen.
En ineens realiseren we ons dat we in totaal verschillende werelden leven.
In haar wereld gaat het nooit over mooie quotes in je bulletjournal, maar komt het woord stoeien heel vaak voor. Een woord dat in ons huis niet eens bestaat.