Het archief van de 'opvoeding' categorie

Tijgermoeder

Monday, March 28th, 2011

De ouders van de zusjes Polgar begonnen met hun gedegen schaakopvoeding toen de kinderen nog in de wieg lagen. In de volle overtuiging dat ze ooit tot de wereldtop zouden behoren.

Dat kon natuurlijk niet gebeuren maar het gebeurde dus.

Het was vast niet gebeurd als de oude Polgar het adagium van nu had aangehangen: Als de kinderen het maar leuk hebben.

Bekentenis.
Ik vind het altijd stom dat ouders met hun kind gaan oefenen voor de cito-toets. Dan komt je kind misschien terecht op een school die te hoog gegrepen is.

In China denken ze daar heel anders over. Daar is de opvoeding vooral gericht op winnen, het hoogst mogelijke halen, en daar alles voor over hebben en doen.

De Chinees-Amerikaanse Amy Chua schreef een boek over hoe zij in de Verenigde Staten probeert haar kinderen volgens de Chinese wijze op te voeden. Haar dochters moeten drie uur per dag piano en viool spelen, om maar wat te noemen. Voor spelen met vriendinnetjes is ‘het leven te kort’.

Haar boek Strijdlied van de Tijgermoeder staat hoog op de bestsellerlijst van de New York Times, en de schrijfster is in een klap beroemd geworden in de VS, door de vele discussies die het boek oproept. Tijgermoederen is zelfs een werkwoord aan het worden.

Dat schept natuurlijk een band met dewerkendemoederen en het is vast daarom dat ik van UItgeverij Nieuw Amsterdam drie exemplaren mag verloten onder de lezers die mailen naar dewerkendemoeder@gmail.com.

Overigens is de schrijfster erachter gekomen dat de Chinese methode van opvoeden niet alleen maar goed is en de westerse methode niet alleen maar slecht.

En ik denk zomaar ineens dat het helemaal niet zo gek is ouders met hun kinderen oefenen voor de Citotoets. Waarom zou je niet gaan voor het hoogst haalbare?

Bekentenis (2).
Ik had eigenlijk best willen weten of mijn oudste dochter net zo goed zou kunnen schaken als Judith Polgar.
image0011

Je zin

Thursday, February 10th, 2011

Middenin het oerwoud dat opvoeden heet en waar ik de weg ook niet weet kom je af en toe een boom tegen waar je even tegenaan leunt omdat er – denk je – een wijsheid aan de takken bungelt.

Zo probeer ik mijn dochters te vertellen dat je niet moet gaan huilen om je zin te krijgen.

Maar soms vraag ik me af waarom ik dat eigenlijk doe.

Overal zie je slachtofffers. Slachtoffers van de maatschappij of van de politiek, van afkomst of van opvoeding, slachtoffers van alles en iedereen, en heel vaak ook: slachtoffer van een man die wegging en wiens schuld het dus allemaal is.

Zij krijgen veel medelijden, de meeste aandacht en ook heel vaak hun zin.

Vlees

Tuesday, February 8th, 2011

De details zal ik iedereen dus maar besparen van hoe het was dat onze jongste zich gisteren verslikte in een stuk vlees dat in haar keel bleef steken en hoe ik haar op haar rug sloeg, nee stompte, en hoe ik haar uiteindelijk aan haar enkels vastpakte en omhoog hield en hoe ik weet nog steeds niet hoe het stuk vlees uiteindelijk uit haar keel schoot.

En hoe de oudste dochter en ik nog lang daarna naar de adem hapten die ons de schrik had ontnomen.

En hoe duidelijk ik later besefte dat ik zo duidelijk tijdens dat hele gedoe had beseft dat ik niet wist wat ik moest doen.

Omdat ik nooit een ehbo-cursus heb gevolgd.

En dus kan het zomaar gebeuren dat iemand die naast me ligt of tennist of staat in de trein iets overkomt en dat ik dan niet weet wat ik moet doen.

En dat je als je zwanger bent naar alle mogelijke cursussen gaat, naar zwangerschapsgym, en -zwemmen, en -yoga, en dat je dan alles leest wat je maar tegenkomt over hoe je een goede zwangere kunt zijn en dat je naar voorlichtingsavonden gaat en naar heel veel afpsraken met de verloskundige, en naar het consultatiebureau.

Voor opvoedcursussen melden maar weinig mensen zich aan.

Ik ken bijna niemand met een ehbo-diploma.

Van overheidsbetutteling hou ik niet echt, maar diep in mijn hart zou ik het hele kabinet willen vragen:

stuur ons op een ehbo-cursus.

Het volmaakte kind

Saturday, January 22nd, 2011

Een tijdje geleden stond in de krant een artikel dat slechts 25 procent van de kinderen die bij een fysiotherapeut komen echt iets mankeren. De andere kinderen hebben ouders die willen dat hun kind net zo goed loopt als Usain Bolt.

In Trouw staat vandaag ook een artikel van de man die dat constateerde, Paul Helders, medisch fysioloog en kinderfysiotherapeut. En emeritus hoogleraar klinische gezondheidswetenschappen.

,,Toen ik afgelopen jaar afscheid nam als hoogleraar Klinische Gezondheidswetenschappen, hield ik een pleidooi om kinderen vooral met rust te laten. Ik had dertig jaar lang kinderen zien langskomen met allerlei klachtjes, soms alleen verwoord door de ouders. Vaak bleek er niets aan de hand. Kinderen met een beetje van dit en een beetje van dat, met therapie om al die beetjes te behandelen, kinderen die gewoon hockeyden, voetbalden, op vioolles zaten en het  zo druk hadden dat ze een agenda bijhielden. Opgefokte, drukke kindertjes met overbezorgde, vaak angstige, goed opgeleide ouders die er alles aan deden om ieder onbehagen of on- geluk uit te bannen. Hun kind moest een leven leiden dat een aaneenschakeling zou zijn van fijne momenten en plezierige ervaringen. “Wat voor leuks ga je vandaag doen”.

,,In mijn ervaring gaat het veelal om jonge, (over)beschermende ouders die alles willen doen voor het volmaakte geluk van hun kind. Ze zullen moeten wennan aan het feit dat dat niet bestaat, dat kinderen mentaal kunnen groeien van een tegenslag, en dat ontwikkeling letterlijk en figuurlijk een proces is van vallen en opstaan.”

,,Ouders zouden meer op hun eigen gevoel moeten vertrouwen en niet meteen op hol slaan als de een of andere therapeut weer meent iets te moeten zien of vaststellen. Maar de hooggespannen verwachtingen van jonge ouders verdragen geen wachten, en al helemaal geen onzekerheid. Je moet immers alles voor je kind over hebben, dus ga je gretig in op ieder voorstel om van je kind een nog beter kind te maken.”

Toffees

Friday, January 14th, 2011

Er zijn maar drie kinderen die altijd fruit mee krijgen. De anderen hebben altijd koek of snoep. Toffees en zo. Sommige kinderen vinden mij zielig.

Ik vind de kinderen die toffees mee krijgen zielig, zeg ik tegen mijn dochter van 8.

Alsof dat helpt.

Overal hoor je de waarschuwing dat kinderen tegenwoordig veel te dik zijn en op een dag heeft iemand bedacht dat ze om kwart voor tien op school lekker iets moeten eten en drinken. En iedereen doet er vrolijk aan mee met chocoladekoekjes en limonade.

Lekker is dat.

Opvoedtest

Saturday, October 2nd, 2010

Wie kent zichzelf – ik niet – maar het is dan wel weer grappig om te ontdekken dat ik mezelf als opvoeder wel goed ken. De uitslag van deze opvoedtest had ik kunnen voorspellen. Maar zo hoor je het weer eens van een ander, van meerdere deskundigen nog wel. Met goede tips bovendien.

Hyperouders

Wednesday, August 25th, 2010

Opvoedingskramp. Hyperouders. Overbescherming. Onzelfstandige watjes.

Ja, beste mensen, opvoeden valt niet mee, daar helpt geen centrumpje lief aan.

Steeds meer ouders maken zich zorgen over de ontwikkeling en het gedrag van hun kind. Driekwart doet dat, zo blijkt uit onderzoek van het maandblad J/M. Veel meer dan drie jaar geleden, toen de helft van de ouders zich zorgen maakte. Een derde van de ouders denkt wel eens dat ze tekortschieten. En dat leidt dus tot opvoedingskramp bij hyperouders die hun kinderen te veel beschermen waardoor het onzelfstandige watjes worden.

Opvoeden is een veel te ingewikkeld proces aan het worden en daarom stel ik voor dat we teruggaan naar de basis:

1. Rust, reinheid en regelmaat.

2. Afspraak is afspraak, nee is nee, regels zijn regels.

3. Loslaten waar het kan, vasthouden als het nodig is.

4. Blij zijn met je kind, dat bijzonder is en uniek, en dat mag zijn en worden wie hij of zij is.

5. Kinderen hoeven niet perfect te zijn, en ouders ook niet. Veel problemen kun je trouwens met een ‘goede’ opvoeding niet eens voorkomen. Of je kind goed terechtkomt heeft immers ook te maken met andere factoren, zoals karakter, gebeurtenissen, vrienden – en geluk.

De leerplichtambtenaar volgt een cursus

Wednesday, August 25th, 2010

Het blijft raar dat je met je kind in je buik en vlak daarna aan alle kanten wordt begeleid door verloskundigen, lacatiedeskundigen, ziekenhuis en consultatiebureau en dat je daarna wordt losgelaten in het grote opvoedbos.

Het blijft ook raar dat je overal een diploma, vergunning of bewijs voor nodig hebt en dat opvoeden iets is wat iedereen zomaar mag doen.

Niet zo raar is het dat minister Rouvoet meer aandacht wil besteden aan opvoedende ouders. Hij riep de Centra voor Jeugd en Gezin in het leven en volgend jaar moet elke gemeente zo’n centrum hebben. Ik ben een keer in zo’n centrum geweest. Daar zaten een huisartsenpraktijk, een consultatiebureau en de schoolarstendienst onder een dak. Heel handig want zo konden ze gemakkelijk met elkaar communiceren. Mensen en kinderen en jongeren met vragen van opvoedkundige aard konden zich melden bij de receptie van de huisartsenpost. De doktersassistenten helpen ze dan verder op weg. Nog niemand had zich er ooit gemeld.

Vooral in kleinere gemeenten is het een worsteling om plekken te vinden voor het centrum. Het is ook een worsteling om dat centrum vorm te geven. Ik las over een dorp dat de leerplichtambtenaar op cursus heeft gestuurd zodat hij de mensen die vragen hebben over opvoeden naar de juiste instanties kan doorverwijzen. De gemeente verwacht niet dat er veel vragen komen bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (adres: de balie van het gemeentehuis). Dat is ook niet erg, vindt het gemeentebestuur. Want de gezinnen met echte problemen zijn al bekend ‘en zitten al in het hulpverleningstraject’.

In dat dorp zijn er vast wel meer ouders met opvoedkundige vragen en kwesties, maar ik vrees niet dat die zich melden bij het Centrum voor Jeugd en Gezin aan de balie van het gemeentehuis bij de spijbelambtenaar die een cursusje doorverwijzen heeft gehad.

Ik geloof zeker dat de beleidsnota over de Centra voor Jeugd en Gezin met de allerbeste bedoelingen zijn geschreven, maar volgens mij kun je ze beter sluiten voordat ze open gaan.

Vragenlijst

Saturday, July 10th, 2010

Ik ben niet de eerste die constateert dat het raar is dat je overal een cursus voor moet volgen, een diploma voor moet halen of een vergunning voor moet krijgen, behalve voor het opvoeden van je kinderen.

Gemeenten krijgen van de overheid de taak om problemen in gezinnen vroeger te signaleren. Als er eerder hulp wordt gegeven, bijvoorbeeld met een opvoedingscursus, kan worden voorkomen dat de situatie zo uit de hand loopt dat meer gespecialiseerde en dus duurdere instanties er aan te pas moeten komen, zoals bijvoorbeeld de jeugdzorg of de psycholoog.

De gemeente Venray heeft bedacht om mogelijke problemen in kaart te krijgen met een vragenlijst die zwangere vrouwen moeten invullen en inleveren bij de verloskundige. Het gaat dan om vragen als: hebben jullie genoeg geld, slaat je man je wel eens, ben je vroeger als kind mishandeld of misbruikt, en dat dan in ambtenarentaal. Het invullen van de vragenlijst is niet verplicht, zegt de gemeente.

Verontwaardiging alom. De vragenlijst zou ethisch onverantwoord zijn, een belediging zijn voor de grote groep vrouwen met wie niets aan de hand is en onnodig zijn.

,,Ouders wordt in feite gevraagd zichzelf aan te geven. Want als aanstaande moeders aankruisen dat ze weinig geld hebben, ruzie maken met hun man en vroeger zijn geslagen dan weten ze dat ze met zestien weken met een hulpverlener aan tafel zitten”, zegt een ethiscus in een interview met het Nederlands Dagblad.

Dat zou inderdaad verschrikkelijk zijn. Veel beter is het om lekker door te tobben met je lege portemonnee, goed ruzie te blijven maken en harde klappen te blijven krijgen.

Chips

Saturday, June 12th, 2010

Ze stond in de keuken met het pak in haar hand.

In haar haar, dat nog wit was en vol krullen, zaten tientallen vlokken havermout.

Kut, zei ik. Kut, kut.

Kut, zei zij. En daar werd ze alleen maar nog schattiger van, dat kleine meisje met dat lege pak in haar hand en al dat havermout in haar haar.

Veel ouders verbieden hun kinderen het taalgebruik dat ik me eigen heb gemaakt. Ik weet het.

Vanmiddag vroeg mijn dochter – haar haar is donkerder geworden, en langer, en het golft nauwelijks nog – of ik voortaan alsjeblieft ‘chips’ wil zeggen. Van dat andere woord, dat begint met een ‘s’, krijgt ze een soort bommetje in haar hoofd. Omdat ze het helemaal geen leuk woord vindt.

Ik ben zó blij dat mijn kinderen me nog een beetje proberen op te voeden.